D66 en GroenLinks willen snel terug naar ‘democratisch normaal’

De gekozen volksvertegenwoordiging moet snel een oordeel kunnen vellen over de coronamaatregelen in de noodverordening, nu de coronacrisis langer duurt dan enige andere crisis in het verleden. Dat vinden GroenLinks Nijmegen en D66 Nijmegen. De partijen willen dat de burgemeester zich landelijk inzet voor een democratisch alternatief voor de huidige situatie. En dat de gemeenteraad snel de kans krijgt zich uit te spreken over de coronamaatregelen in de noodverordening.

De gemeenteraad heeft geen inspraak kunnen hebben op de noodverordening en andere maatregelen die de burgemeester neemt. Terwijl hij hiermee de grondrechten van Nijmegen wel fors inperkt. Evaluatie van deze noodverordening vindt pas achteraf plaats. Het is nog onduidelijk wanneer.

D66-raadslid Toon van Gent: “In de beginfase van de crisis was het belangrijk dat het College de ruimte kreeg om snel en duidelijk in te grijpen. Nu is het belangrijk dat onze gekozen volksvertegenwoordiging ook snel haar oordeel kan vellen.”
Nu de coronamaatregelen langzaamaan worden versoepeld moeten lastige keuzes worden gemaakt, stellen GroenLinks en D66: welke bedrijven en instellingen mogen wel of niet al open? In welke mate kunnen burgers weer gebruik maken van hun grondwettelijk recht op samenkomst, privacy, bewegingsvrijheid of vrijheid van godsdienst? Juist bij deze keuzes zou de gemeenteraad betrokken moeten worden, vinden de partijen.

GroenLinks-raadslid Jouke Osinga: “We zetten voorzichtig de eerste stappen terug naar een samenleving zoals we die kenden. De maatregelen die daarbij nodig zijn, moeten voor iedereen helder en duidelijk zijn en de grondrechten zoveel mogelijk respecteren. Als dat niet zo is, kunnen burgers ten onrechte een boete krijgen.” Ook vragen de partijen het college om bij het versoepelen van de maatregelen prioriteit te geven aan grondwettelijke vrijheden die nu worden beperkt, zoals de mogelijkheid om samen te komen, te gaan naar kerk en moskee en de vrijheid om mensen in persoonlijke levenssfeer te ontvangen.

De partijen stellen schriftelijke vragen aan het College.